Cuijk – Sint-Martinuskerk

Orgel Concerten Muziek Orgelkring Kerk

Kerkstraat 10
5431 DS Cuijk

Locatie op google/maps

Het Severijn-orgel (1625/1650?)

Waarschijnlijk is het orgel in de periode 1625-1650 gebouwd voor de kerk van de Benedictijner Abdij Saint Laurent te Luik. Inscripties en de factuur van het pijpwerk duiden op Andries Severijn (ca 1600 Maastricht – 1673 Luik). De oorspronkelijke opzet was een een-manuaals instrument zonder pedaal. Positief, Echo and Pedaal werden later door Severijn zelf nog toegevoegd.

1803
Het orgel werd na sluiting van het klooster in 1796 gekocht door de Sint-Martinusparochie van Cuijk. Het werd in 1803 geplaatst door de Nijmeegse orgelbouwer Peter Torley en in 1804 ingewijd. Het onderhoud was vanaf 1827 toevertrouwd aan de gebroeders Smits uit Reek tot 1860 en later van 1906 tot 1926. Diverse aanpassingen werden door hen doorgevoerd. 

1862
Om meer plaats voor het koor te maken verwijderde L.Smits uit Cuijk (niet verwant aan de Reeker Smits-familie) in 1861 de kas van het Positief en plaatste de lade en het pijpwerk onderin de hoofdkas. 

1913
In 1913 wordt het orgel door de gebroeders Smits (Reek) opgebouwd in de nieuwe Sint-Martinuskerk tegen de noordwand van het westbalkon, weer om het koor plaats te bieden. Het instrument werd weer gewijzigd en het Pedaal en Echowerk verwijderd. In 1927 voegen de geboeders Vermeulen (uit Weert) een pneumatisch pedaal en drie nieuwe registers toe.

1955
Bij de restauratie door de bouwer L. Verschueren (Heythuijsen), in 1955, wordt het orgel centraal op het westbalkon geplaatst. De dispositie werd ook aangepast. 

1992
De laatste, grondige restauratie en reconstructie van het instrument naar zijn originele staat werd in 1992 afgesloten, eveneens door Verschueren. Het bewaard gebleven pijpwerk werd gerestaureerd, ontbrekende pijpen en registers gereconstrueerd. Echo en Pedaal werden nieuw gebouwd en de kas van het Positief gereconstrueerd (die daarmee op zijn oorspronkelijke plaats terugkeerde). Het orgel kreeg toen drie nieuwe spaanbalgen voor de windvoorziening.

De 3 spaanbalgen van de windvoorziening en deel van de tractuur.

2015
“We hadden niet gedacht dat we “Cuijk” zo snel alweer in de orgelmakerij  terug zouden hebben”.
Die uitspraak van een van de restaurateurs bij Verschueren Orgelbouw in Heythuysen vergezelde de binnenkomst van zo’n 600 zwaar aangetaste pijpen uit het hoofdwerk van het Severijn-orgel (+/-1650) van de St. Martinuskerk in Cuijk. Het is inderdaad uitzonderlijk dat zo’n 23 jaar na de grootscheepse restauratie/reconstructie een instrument reeds toe is aan zulk een ingrijpend onderhoud. Oxidatie van het pijpwerk heeft tot grote schade geleid. De Rijksdienst (afdeling klinkend erfgoed) heeft zo’n 80 instrumenten in het oog met dit probleem, dat zich eind jaren ‘90 van de vorige en in het begin van deze eeuw ineens in verhevigde mate voordeed. En in Cuijk met zulke oude registers, blijkt het flink raak! De link met de luchtvervuiling in de genoemde jaren ligt voor de hand maar is (nog) niet bewezen.
Het fenomeen is al langer bekend. Vooral pijpwerk met een hoog loodgehalte (zoals bij het Severijn-orgel) blijkt extreem gevoelig voor deze aantasting. De binnenkant van de pijp ‘versuikerd’, krijgt een witte laag loodoxidatie. De pijpwand  verzwakt intussen dermate, dat er scheuren, zelfs gaten, ontstaan of de pijp knikt uiteindelijk omdat de voet te zwak wordt. Aanvankelijk ziet men aan de buitenkant  nog heel weinig, maar als het zich daar, voor het blote oog, manifesteert is het kwaad al geschied. 


Het orgel is twee periodes ingepakt geweest om het te beschermen tegen stof tijdens de restauratie van de kerk vanaf 2009, die het 100-jarig bestaan in 2012 weer piekfijn in moest gaan. Intussen heeft de orgelstichting zich veel moeite getroost om de nodige fondsen te verwerven, want al gauw was duidelijk dat de zorgvuldig gespaarde onderhoudsreserve verre van toereikend zou zijn. De hoop werd op de Provincie Brabant gesteld om, via de regeling subsidies religieus erfgoed, het benodigde budget rond te maken.
De Rijksdienst en adviseur van de Stichting, Jan Boogaarts, hebben zich vooral bezig gehouden wat nu de beste oplossing voor het probleem zou zijn.  De oxidatie moet verwijderd worden (met borstelen en zandstralen), zwakke plekken hersteld en vervolgens moet het pijpwerk beschermd worden tegen nieuwe aantasting (door dompelen in  een eventueel verwijderbare laklaag).  Nu het pijpwerk in de orgelmakerij is en gedetailleerd onderzocht kan worden, blijkt dat met name  de kleine pijpvoeten alleen goed schoon te maken zijn als ze eerst doorgezaagd worden. Dat betekent natuurlijk naderhand weer solderen tot een geheel. Financieel nog ingrijpender maar noodzakelijk.
Gevolg was dat de jaarlijkse concertserie in 2015 niet door kon gaan. 

Dispositie

Groot Orgel
(CD-c”’), II
Posityf
(CD-c”’), I
Prestant 8′ (S)
Cornet IV st D (S)
Bordon 8′ (S)
Octave 4′ (S)
Fluit 4′ (S)
Quintfluit 2 2/3′ (S/V)
Superoctave 2′ (S/V)
Sexquialtera II (S/V)
Tiers 1 3/5′ (V)
Nazatt 1 1/3 (S/V)
Mixtur IV st (S)
Cimbal III st (V)
Trompet 8′ B/D (S)
Claron 4′ (V)
Vogelkens
_____________________
Tremblant
Tambour






Prestant 4′ (V)
Holpyp 8′ (S)
Octave 2′ (V)
Nazatt 2 2/3′ (S)
Tiers 1 3/5′ (V)
Quintfluit 1 1/3′ (V)
Mixtur III st (V)
Cimbal II st (V)
Cromhorn 8′ B/D (V)
Nagtegaal
__________________
Echo (c’-c”’), III
Bordon 8′ (V)
Prestant 4′ (V)
Nazatt 3′ (V)
Octave 2′ (V)
Tiers 1 3/5′ (V)
Trompet 8′ (V)
___________________
Pedaal (C-c’)
Bordon 16′ (V)
Fluit 8′ (V)
Trompet 8′ (S)
Claron 4′ (V) (1955)

Koppelingen:
Koppel Pedaal / Groot Orgel
Koppel Groot Orgel / Posityf

Concerten

Aanvang 20.00 uur.
Toegang € 10,-

Kaartverkoop en reserveren weer via de site van de schouwburg Cuijk: kijk bij 27 juni. Zo voldoen we aan de coronaregel van reserveerplicht. Er mogen maximaal 50 bezoekers worden ontvangen, dus snel reageren.

Zondag 27 juni 2021
Lambert Colson – cornetto
Tineke Steenbrink – orgel

Lambert Colson (1985) is toonaangevend solist en onderzoeker. Zijn kennis van het repertoire voor de cornetto en nieuwsgierigheid naar nieuwe klanken typeren hem. Hij doceert aan de conservatoria van Brussel en Utrecht en maakt vast deel uit van de projecten van Holland Baroque. Hij wordt geroemd om zijn virtuoze en cantabile spel. De cornet (zink) is een houten blaasinstrument met een mondstuk zoals op de trompet. Het instrument benadert de schoonheid van de menselijke stem en voegt zich moeiteloos in de klanken van het Severijn orgel. Colson’s spel geeft het orgel nog meer glans.

Muziek

Dit orgel op YouTube
Gespeeld door Reinier Korver:
Heinrich Scheidemann: Es ist gewisslich an der Zeit (6:06)
F. Tunder: In dich hab ich gehoffet, Herr (8:08)
D. Buxtehude: Kommt her zu mir, spricht Gottes Sohn (5:04)
Georg Böhm: Aus tiefer Not schrei ik zu dir (8:25)
D. Buxtehude: Ich ruf zu dir, Herr Jesu Christ (5:57)
J.N. Hanff: Ach Gott von Himmel, sieh darein (5:55)

Stichting Severijn-Orgel Sint Martinus Cuijk 

Wilt u graag op de hoogte gehouden worden van de activiteiten die de Stichting Severijn-Orgel Sint Martinus Cuijk organiseert en wilt u het werk van de Stichting steunen?
Vanaf € 25,- per jaar bent u al donateur; u krijgt dan 50% korting op de toegangsprijs voor alle concerten. 
Mail naar: info@severijn-orgel.nl
Kijk voor meer informatie op www.severijn-orgel.nl.

 Deze organisatie is vertegenwoordigd bij of lid van de Brabantse Orgelfederatie.

De kerk

De Cuijkse Martinuskerk bezit een markant silhouet met drie torens: één van het vorige kerkgebouw en twee van het huidige. De sacristie werd namelijk tegen de toren, die overbleef van de gotische pseudobasiliek uit de periode 1485-1520, aangebouwd. Deze oude toren is in het bezit van de gemeente en herbergt sinds 1991 het oudheidkundig museum Ceuclum. De bouw van de nieuwe kerk in de vorm van een Neogotische kruisbasiliek begon in 1911. De kerk werd in november 1912 in gebruik genomen en de kerkelijke inwijding was op 1 mei 1916. De kerk is ontworpen door architect Caspar Franssen uit Roermond.

Het retabel van het hoogaltaar werd door Hendrik van der Geld op eigen initiatief gemaakt in de periode 1881-1909 voor de Sint-Janskathedraal in ‘s-Hertogenbosch, maar het kwam in Cuijk terecht. In het houtsnijwerk zijn tweehonderd figuren afgebeeld. De zijaltaren en piëta zijn ook van Van der Geld.

De schilderingen in het interieur zijn naar het ontwerp van Hans Mengelberg en uitgevoerd door Johannes Cornelis Wilbrink. In 1945 raakte de kerk zwaar beschadigd door oorlogshandelingen van het Duitse leger aan de andere kant van de Maas; de Cuijkse molen en het Cuijkse gemeentehuis raakten ook zwaar beschadigd. De schade kon nog hersteld worden (interieur en exterieur).
Vanaf 2009 is de kerk ingrijpend gerestaureerd.
Foto’s Wim van der Ros

Laatste actualisatie 12 jan. 2021