Herman Hollanders
(1595 ? - 1640 ?)


Herman Hollanders (Breda, ca.1595 - ca.1640)
leefde in de tijd van de Tachtig Jarige Oorlog in Breda. Deze strijd in de Nederlanden begon in 1568 begon en eindigde in 1648, met een tussenliggende vrede (het Twaalfjarig Bestand) van 1609 tot 1621. De oorlog woedde in de Spaanse Nederlanden en richtte zich tegen een wereldmacht: het Spaanse Rijk. Het was een roerige tijd zeker voor Katholieke componisten. Hollanders was gehuwd met Clara Joosten. Zij kregen zeven kinderen die allemaal gedoopt werden in Breda. Van 1618 tot 1623 was Hollanders vicarus (plaatsvervangend hoofd) van het Eindhovens kapittel, schoolmeester en organist van de Catharinakerk aldaar. Later van 1626 tot 1627 was hij werkzaam in het Belgische Ekeren als organist. Uiteindelijk slaagt hij in 1628 erin meester zangleraar en organist te worden van de Onze-Lieve-Vrouwekerk in zijn geboortestad Breda. Na de verovering van ís-Hertogenbosch in 1629 veroverde Frederik Hendrik ook Breda in 1637. Na deze derde verovering van deze stad in 1637 op de Spanjaarden wordt de protestantse godsdienst in het Katholieke Breda dominant. Vele klerken en burgers vluchtten naar de Zuidelijke Nederlanden. Waarschijnlijk is Hollanders met zijn gezin gevlucht. Van na die tijd zijn er van hem weinig gegevens bekend.

Composities
Met de komst van het Calvinisme wordt meerstemmige muziek minder belangrijk. In de Katholieke eredienst blijft deze polyfone muziek klinken. De werken van Hollanders kenmerken zich door een evenwichtige structuur en heldere melodielijnen. Door de versieringen naar italiaans voorbeeld, krijgt deze muziek een uitbundig karakter, een stijl die men later de stile concertato zal noemen. Hij is een van de eersten in onze regionen die deze wijze van componeren toepast. Later is zijn voorbeeld nagevolgd door Jan Baptist Verrijt en Benedictus Buns. Hij stond onder invloed van Italiaanse tijdgenoten, zoals Ludovico da Viadana.

Er zijn twee bundels muziek van Hollanders bewaard gebleven. De originelen liggen in de bibliotheek van het Collegium Augustinianum Gaesdonck, vlakbij Boxmeer, over de Duitse grens. Deze bevatten samen ongeveer 50 werken, waarvan een gedeelte niet compleet. Een bundel heet ’Parnassus ecclesiasticus’ (1631), dit bevat werken voor 1 tot 4 stemmen met basso continuo en twee 8-stemmige stukken voor 4 stemmen en 4 strijkers met basso continuo. De andere heet ’Jubilus filiorum Dei’ (1634) en bevat 8 solomotetten voor tenor en verder een aantal incomplete werken.

Recipe Me
Uit ’Parnassus ecclesiasticus’ (1631)
Uitgave 'Monumenta musica Neerlandica' deel XII-1, van de Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis, Amsterdam, 1979
(Eerste bladzijde)
In het tweestemmige motet Recipe me wisselen korte herhaalde motieven en fraaie lange fasen elkaar af. De doorgaande begeleiding – basso continuo - kan met cello en orgel worden uitgevoerd.

Tantum Ergo
Uit ’Parnassus ecclesiasticus’ (1631)
Uitgave 'Monumenta musica Neerlandica' deel XII-21, van de Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis, Amsterdam, 1979
(Eerste bladzijde)
Het vierstemmig Tantum Ergo heeft een vergelijkbare begeleiding als Recipe Me.






Bron tekst o.a.: Wikipedia 2020

Laatste actualisatie: 18 februari 2020