Teteringen

Sint-Willibrorduskerk

Kerkstraat 1 --- google.nl/maps

Concerten

Geen concerten gepland.


Het Delahaye-orgel (1824)

Reeds drie jaar nadat in 1820 de parochiekerk in Teteringen in gebruik werd genomen, werd op 5 november 1823 een contract getekend voor het maken van een nieuw orgel. Hiervoor tekende Jean-Joseph Delahaye (1786-1845). Hij was een telg uit het orgelmakersgeslacht Delahaye*, dat vanuit Antwerpen werkzaam was. Zij plaatsten in Nederland o.a. orgels in Bergen op Zoom, Breda, Gouda (nu geplaatst in Moordrecht), Dongen, Teteringen en Eindhoven. Veel van hun orgels in Nederland zijn helaas verloren gegaan.
Het orgel in Teteringen was een eenklaviers instrument met vermoedelijk een aangehangen pedaal van bescheiden omvang. Het had oorspronkelijk de navolgende dispositie (vermeld volgens ladevolgorde).

Dispositie

Manuaal
Prestant Disc 16'
Cornet Disc 5 st
Prestant 8'
Bourdon 16'
Quintadeen 8'
Prestant 4'
Holpijp 8'
Octaaf 2'
Fluit 4'
Quint(-fluit) 3'
Veldfluit 2'
Mixtuur 5 st
Trompet Bas 8'
Trompet Disc 8'
Clairon Bas 4'
Hautbois 8' Disc (2010)
Tremulant

Het orgel had voor de windvoorziening drie spaanbalgen. Diverse orgelmakers hebben in de loop der jaren aan het orgel in Teteringen gewerkt. Zo wijzigt Van der Aa in 1879 de windvoorziening. Voortaan krijgt het orgel zijn wind uit een magazijnbalg, gevoed door drie schepbalgen, welke door een krukas met slinger werden bediend. Deze constructie werd in de 19e eeuw ook veel toegepast door de Belgische orgelmaker Loret. In Brabant vinden we dat terug o.a. bij de orgels te Reusel, Lith en Berkel-Enschot. In 1909 ondergaat het orgel een ingrijpende wijziging en wordt aangepast aan de toen heersende opvattingen. Dit gebeurt in overleg met de heren Cornelis Verstegen, muziekleraar van het seminarie IJpelaar en zijn voorganger, rector Jos van Goch, welke al vaker was opgetreden als orgeldeskundige in de regio Breda. Het werk, dat werd uitgevoerd door de Orgelmakers Vermeulen. Een Viola di Gamba 8' kwam in de plaats van de Quintadeen 8' en de Octaaf 2' moest het veld ruimen voor een Salicionaal 8'. Ook werden o.a. nieuwe klavieren geplaatst (waarbij het pedaalklavier werd vergroot: C-d’).
Toen in 1927 de bouw van de nieuwe Willibrorduskerk vorderde, werden ook plannen tot overplaatsing en wijziging van het orgel voorgesteld. De Bourdon 16' zou op pneumatische wijze worden afgevoerd tot een zelfstandige pedaalstem, en het veel te scherpe register Mixtuur zou vervangen worden door een Voix Celeste. Het orgel werd op het oxaal achterin de kerk geplaatst, waar het aan de torenzijde een plaats kreeg, zoat het rozetraam vrij bleef. Door het aflopende gewelf kon de engel op de rechtertoren niet weer geplaatst worden.
In 1944 probeerden de Duitsers de toren op te blazen, en liep het orgel ernstige schade op. Waar kappen en front ernstig beschadigd waren, brachten de orgelmakers Vermeulen het orgel weer in bespeelbare staat en demonteerden de volledige bovenbouw. Zij plaatsten in 1952 nieuwe zinken frontpijpen.
In 1972 werd Hans van der Harst aangezocht om als adviseur een komende restauratie voor te bereiden en te begeleiden. Uiteindelijk kon in 1991 het volledig gerestaureerde orgel weer in gebruik worden genomen. Deze restauratie werd uitgevoerd door Frans Vermeulen te Weert. Getracht is zoveel mogelijk terug te grijpen naar de oorspronkelijke situatie van 1823/1824. Wel is de gewijzigde fraaie windvoorziening van Van der Aa gehandhaafd. Zowel het frontpijpwerk als de verdwenen stemmen zijn gereconstrueerd. Voor de reconstructie van de klaviatuur werd het orgel te Diest (1828) als uitgangspunt genomen. Het orgel heeft weer de oorspronkelijke (bovenstaande) dispositie.
Het orgel is in 1991 voor een betere klankuitstraling en een beter gebruik in de liturgie voor in de kerk op de begane grond geplaatst.
In 2010 is door Verschueren op de vrije discant-plaats een (oorspronkelijk geplande) Hautbois 8' discant geplaatst.
Op zondag 7 november 2010 werd dit met een orgelconcert door Olga de Kort en Piet Loose gevierd.

*de naam Delahaye werd ook wel geschreven als De Lahaye, De la Haye, Delheye enz.

tekst: Wim van der Ros

(Naar gegevens uit het restauratierapport van drs. J.J. van der Harst)